German Cemetery Ysselsteyn (NL)
|
Een paar kilometer ten zuidwesten van Venray, ligt de Duitse Militaire Begraafplaats Ysselsteyn, meer dan 31.000 Duitse soldaten hebben hier op een lichtgolvend, 28 hectare groot terrein in het heide/veen-landschap "De Peel" hun rustplaats Het gebied waar de graven liggen bestaat uit 106 blokken met twaalf rijen van telkens 25 graven. In totaal liggen stoffelijke resten van 31.585 soldaten begraven, waarvan veruit de meeste zijn gesneuveld in de Tweede Wereldoorlog. De grafstenen hebben allemaal de vorm van een Latijns kruis, ongeacht welk geloof. Bovendien zijn de grafstenen grijs van kleur en gemaakt van beton.
Op de grafstenen staan de naam, grafligging, geboorte/sterfdatum en de rang met witte kleur vermeld. Bij een ongeïdentificeerde soldaat staat op de grafsteen de tekst: "Ein Deutscher Soldat".
Rechts en links van de centrale gedenkplaats zijn twee wegen aangelegd met graven waar een aantal soldaten gezamenlijk in liggen begraven.
Vanaf de ingang loopt een 800 meter lange weg door de militaire begraafplaats. Het middelpunt vormt de centrale gedenkplaats met zijn hoge kruis. in de onmiddellijke nabijheid staat een klokkenspel, dit werd op initiatief en met giften van familieleden van de gevallende gebouwd
De Militaire begraafplaats werd door de Nederlandse overheid aangelegd. Doorslaggevend was de wens van het Ministerie van Defensie, de Duitse gesneuvelden op een grote begraafplaats hun laatste te geven, om het behoorlijk onderhoud te kunnen garanderen. Op 15 oktober 1946 begonnen de herbegravingen door de Nederlandse gravendienst. In Ysselsteyn rusten ook nog ongeveer 3000 soldaten die nog in de laatste maanden van de oorlog sneuvelden, zelfs soldaten die de eerste dag van de aanval op Nederland niet hebben overleefd liggen hier begraven, ook zijn er nog door de Amerikaanse gravendienst soldaten overgebracht naar Ysselsteyn die eerst lagen begraven in Margraten. In het voorste gedeelte van de begraafplaats liggen 85 gesneuvelden uit de Eerste Wereldoorlog
Vast met de geschiedenis van de begraafplaats verbonden is de Nederlandse Kapitein Ludwig Timmermans, die in opdracht van zijn regering van 1948 t/m 1976 als verantwoordelijke begraafplaatsbeheerder werkte en als "vader van de Duitse militaire begraafplaats" geldt
Kapitein Timmermans
8 mei 1995 wordt in de
buurt van de ingang van de begraafplaats een Ginko-boom geplant. Dit is een
teken van hoop.
Deze boomsoort
begon, na de atoombomaanval op Hiroshima en Nagasaki in 1945, als eerste weer te
bloeien. Na ongeveer een jaar droeg hij weer groene bladeren. Daarom is hij een
teken van hoop geworden - hoop op vrede in een betere wereld.
Nazi, maar vooral mens Het heeft meer dan zestig jaar geduurd voordat Nederland er ‘rijp’ voor was, maar gisteren werden in Ysselsteyn voor het eerst Duitse soldaten met een ceremonie herbegraven. „Deze kameraden hebben hun levensverhaal en waardigheid terug.”
Ik hoop maar dat hij niet al te fout is geweest.” Haks Walburgh Schmidt uit Oss steekt niet onder stoelen of banken dat hij deze regenachtige woensdagmiddag met een dubbel gevoel rondloopt tussen de zwarte kruisen op de Duitse militaire begraafplaats in Ysselsteyn. „Daar ligt ie dan. ‘Mijn’ Duitser. Híj heeft in ieder geval een waardige rustplaats gekregen”, Mijmert Walburgh Schmidt, terwijl hij gadeslaat hoe anderen langs de vijftien kuilen lopen waar een half uur eerder zeventien soldaten uit de Tweede Wereldoorlog zijn herbegraven. Voor het eerst in de Nederlandse geschiedenis gebeurde dat met de nodige plichtplegingen. Er was de geestelijke die stichtelijke woorden over verbroedering sprak. Er was de militair die The Last Post speelde. Er was de Duitse vlag die over de kleine houten kisten met stoffelijke resten van voormalige Wehrmachtsoldaten lag. En er was het moment van stilte, ingeleid door de Duitse ambassadeur die sprak over de „kameraden die op 26 mei 2010 hun levensverhaal en waardigheid terug hebben gekregen.” Nabestaanden van de Duitse militairen zijn nergens te bekennen. De grote toeloop bestaat uit journalisten, cameramensen, plaatselijke bevolking, scholieren die een witte roos neerleggen en mensen zoals Haks Walburgh Schmidt, een schrijver die een bijzondere connectie blijkt te hebben met een van de zeventien herbegraven Duitsers. De Ossenaar stuitte in 2008 in de buurt van Arnhem per toeval op het stoffelijk overschot van een van de Duitse militairen. Walburgh Schmidt was destijds bezig met het schrijven van een boek over vermiste Britse piloten van een vliegtuig dat ergens in de buurt van uitspanning de Westerbouwing - een belangrijk strategisch uitkijkpunt tijdens operatie Market Garden in 1944 - is gecrasht. Op basis van gedetailleerde aanwijzingen van veteranen in Engeland ging Schmidt twee jaar geleden bij de Westerbouwing met metaaldetectoren op zoek naar de nog steeds vermiste, Britse korporaal Eric Melling. Met ondersteuning van de autoriteiten vond de Ossenaar uiteindelijk inderdaad een stoffelijk overschot. Maar, tot ieders verbazing, was dat niet dat van ‘zijn Brit’. Bij de botten lagen ook overblijfselen van een portefeuille en een naamplaatje. Dat van een 33-jarige diender van de Kriegsmarine: Johann Grabovski. Voor Schmidt aanvankelijk een flinke domper. „Denk je een geallieerde te hebben opgespoord, blijkt het om een Duitser te gaan. Aanvankelijk was ik boos op die soldaat. Teleurgesteld. Maar nu ik het zo zie, vind ik het goed dat ook deze soldaten een menswaardig afscheid krijgen. Veel van die mannen werden gebruikt als kanonnenvlees. Ze konden niet anders. Dat die vermiste Britse piloot nog steeds geen echte laatste rustplaats heeft gekregen, spookt op dit moment wel door mijn hoofd. Het is frustrerend.” Op de herbegrafenis van Duitse militairen uit de Tweede Wereldoorlog rustte jarenlang een taboe. Nederland was er niet rijp voor om dat openlijk met een ceremonie te doen. Dat zou te veel op eerherstel kunnen lijken, legt begraafplaatsbeheerder Karl Heinz Voigt uit. Dus werden alle gevonden soldaten altijd in stilte herbegraven. Als er al nabestaanden waren, dan kregen zij pas achteraf te horen dat hun ‘foute’ familielid een laatste rustplaats had gekregen. Het was de Volksbund Deutsche Kriegsgräbefürsorge die voor het eerst voor een ‘menswaardigere’ herbegrafenis pleitte. Met hulp van de Duitse en Nederlandse ambassade werd een eenvoudig protocol opgesteld. Kerkhofbeheerder Voigt, zelf geboren in Duitsland, heeft geen onvertogen woord over de eerste plechtigheid gehoord. „Vandaag draaide het om wederzijds begrip. Hier liggen niet zozeer goede of foute Duitsers, maar vooral mensen begraven. Laten we dat vooral als waarschuwing zien voor de ellende van alle oorlogen.” ANONIEM GRAF…. -Volgens schattingen liggen er nog zo’n drieduizend Duitse militairen in een anoniem graf bij slagvelden. -De begraafplaats in Ysselsteyn is met bijna 32.000 graven de grootste militaire begraafplaats en de enige Duitse militaire begraafplaats in Nederland. -De laatste tien jaar zijn er zo’n 200 stoffelijke resten van Duitse militairen herbegraven. -Van drie van de zeventien gisteren begraven militairen is bekend wie het zijn: de Wehrmachtsoldaten Walter Donath, Johann Grabovski en Melchior Smid.
Belangstelling voor Duitse aanwezigheid groeit „In Ysselsteyn liggen jongens van soms nog maar 14 jaar oud begraven. Over de kwalijke oorzaak daarvan bestaat geen enkele discussie. Het zijn de Nederlanders die steeds vaker aan mij en aan Duitse militairen vragen om oorlogsherdenkingen bij te wonen. Het bewijst dat de belangstelling voor verzoening alleen nog maar groeit.”
Duitslands ambassadeur Thomas Läufer.
27 mei 2010 Limburgs Dagblad. Niki van der Naald |
Onderstaande link Webpagina van de
Volksbund Deutsche Kriegsgräberfürsorge